Ziekenhuis Rijnstate verduurzaamt met meer dan 10.000 nieuwe LED armaturen
Energiebesparing
Rijnstate in Arnhem heeft samen met Klimaatplein partner Lumeco alle verlichting in het ziekenhuis verduurzaamd....
“Verduurzamen? Dat klinkt mooi, maar waar begin je dan?” Het is een vraag die veel ondernemers zich stellen. En terecht. Want tussen de goede intenties en daadwerkelijke actie gaapt vaak een kloof van twijfel. Zijn de investeringen wel rendabel? Gaat het ten koste van de bedrijfszekerheid? En hoe weet je of je de juiste keuzes maakt?
Bij vleeswarenfabrikant Menken Orlando in Hazerswoude-Dorp lieten ze zien dat het ook anders kan. Niet met spectaculaire technologische doorbraken, maar door slim na te denken over energie. Het verhaal begint waar veel bedrijven eindigen: bij de details die niemand ziet, maar die wel doorslaggevend zijn voor je energierekening.
Bijna tweeduizend zonnepanelen op het dak, dat zie je direct. Minder transportbewegingen door slimme logistiek, dat begrijpt iedereen. Maar de persluchtinstallatie? Daar kijkt niemand naar. Tot je energierekening binnenkomt.
“Perslucht is vaak de onzichtbare kostenpost,” vertelt Erwin Segers, sales engineer bij ALUP Kompressoren. “Bedrijven laten compressoren jarenlang op volle druk draaien, zonder te weten hoeveel energie er verloren gaat aan inefficiënte droging of onnodige piekbelasting.”
Bij Menken Orlando kozen ze bij de nieuwbouw voor een andere aanpak. In plaats van simpelweg grotere machines te installeren, ging het om de vraag: wat hebben we werkelijk nodig, en wanneer?
De oplossing klinkt technisch, maar de logica erachter is eenvoudig: gebruik alleen wat je echt nodig hebt, op het moment dat je het nodig hebt. Waar eerder één droger volstond, werken nu twee drogers samen. Een frequentiegeregelde koeldroger haalt eerst de ergste vocht eruit. Daarna neemt een adsorptiedroger het over voor de extra kritische droging die nodig is in voedselproductie.
Het resultaat? De tweede droger hoeft veel minder hard te werken, omdat de lucht al is voorgekoeld. Dat scheelt energie én slijtage. Het systeem past zich automatisch aan de vraag aan, zonder dat iemand daar dagelijks naar hoeft om te kijken.
“Je investeert iets meer vooraf,” erkent Fred Harteveld, hoofd facilitair bij Menken Orlando. “Maar het betaalt zich terug in rust. Wij weten dat de installatie efficiënt draait en binnen de norm blijft.”
Voor veel ondernemers is dat woord ‘rust’ precies waar het om draait. Niet de belofte van lagere kosten op termijn, maar de zekerheid dat je bedrijfsvoering stabiel blijft. Zeker in sectoren waar voedselveiligheid centraal staat, is dat geen luxe maar een randvoorwaarde.
En daar zit de kracht van deze aanpak: energie-efficiëntie en compliance zijn geen tegenstellingen. Door beide vanaf het begin mee te nemen in het ontwerp, ontstaat een installatie die toekomstbestendig is. Geen correcties achteraf, geen onverwachte risico’s, geen compromissen.
“Op een drukdauwpunt van –40 °C stopt de groei van micro-organismen volledig,” legt Erwin uit. “Dat is essentieel als perslucht in contact komt met je product. Door daar niet aan te tornen, maar wél slim te combineren, krijg je het beste van twee werelden.”
Wat blijft hangen aan dit verhaal? Misschien niet de technische specificaties, maar wel de mindset. Verduurzamen begint niet met grote plannen of abstracte doelen, maar met grip krijgen op wat je al hebt. Met bewust kijken naar de plekken waar energie weglekt. En met durven vragen: kunnen we dit slimmer?
“Duurzaamheid is te kwantificeren,” vat Fred het samen. “Minder energie betekent minder kosten, zolang je het maar goed inricht.”
Het is een nuchtere benadering die past bij ondernemers. Geen betutteling, geen schuldgevoel, maar concrete handvatten. Want verduurzamen hoeft niet complex te zijn. Het begint bij één vraag: weet jij waar jouw energie naartoe gaat?
Foto: Alup