De Nederlandse CO2-heffing: wat is het en waarom staat afschaffing ter discussie?
Klimaatbeleid
Klimaatverandering heeft een steeds grotere impact op de groei van de wereldeconomie. Overstromingen, droogte en...
In dit artikel wordt de relatieve verdeling van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen beschreven. Door daar inzicht in te krijgen, is ook eenvoudiger te bepalen welke oplossingen de meeste klimaatimpact hebben. Eerst beschrijven we per economische sector welk aandeel ze in de totale uitstoot heeft. Vervolgens geven we per sector aan welke oplossingen de meeste impact hebben om de broeikasgasuitstoot te verminderen.
Energiecentrales (circa 34%) Elektriciteits- en warmteopwekking is met ongeveer 34% de grootste enkelvoudige bron van wereldwijde broeikasgasuitstoot, vooral doordat kolen en aardgas nog altijd de basis vormen van veel elektriciteitsnetten. In sommige landen is dat aandeel kleiner, omdat er bijvoorbeeld kerncentrales draaien of meer duurzame energiebronnen zijn. In veel hoge-inkomenslanden, waaronder de Verenigde Staten, Duitsland en Japan, daalt de uitstoot van deze sector inmiddels doordat kolen wordt verdrongen door zon en wind.
Voedselsysteem (20 tot 30%) Het voedselsysteem is verantwoordelijk voor 20 tot 30% van alle broeikasgasuitstoot wereldwijd. Dan gaat het om het verbouwen van landbouwproducten en het houden van vee, maar ook om ontbossing, landgebruik en de manier waarop we voedsel distribueren en consumeren. Samen met de elektriciteitscentrales is het huidige voedselsysteem dus verantwoordelijk voor ruwweg 55 tot 65% van alle uitstoot.
Industrie (circa 24%) Circa 24% van de uitstoot komt uit de industrie, bijvoorbeeld door het maken van staal, plastic en cement, of door het verwerken van afval dat dankzij ons consumeren weer terug de economie inkomt. Dit cijfer omvat zowel directe uitstoot (bijvoorbeeld uit hoogovens) als het indirecte elektriciteitsgebruik van de sector.
Transport (circa 15,6%, groeiend) Transport is verantwoordelijk voor een groeiend aandeel van de wereldwijde uitstoot: inmiddels 15,6%, met een dalende trend in Europa en Noord-Amerika maar een groeiende uitstoot in het mondiale Zuiden. Zowel voertuigen op de weg als vervoer op het water en in de lucht dragen hieraan bij.
Gebouwde omgeving (circa 6 tot 17%) Circa 6% van de wereldwijde uitstoot komt voort uit de directe emissies van de gebouwde omgeving: denk aan het koken van voedsel op gas of hout, het maken van warm water en gassen die vrijkomen bij airconditioning. Reken je het indirecte elektriciteitsgebruik van gebouwen (verlichting, apparaten) mee, dan loopt dit aandeel op richting 17%.
Overige bronnen De resterende uitstoot valt onder overige bronnen. Bijvoorbeeld methaanlekken en andere gassen bij energiecentrales, of gassen die vrijkomen bij de productie van benzine en diesel uit ruwe olie.
Let op bij het lezen van deze cijfers: de percentages hierboven komen uit verschillende bronnen (IPCC, Project Drawdown) die net iets andere methodologische keuzes maken over het toerekenen van indirecte uitstoot (zoals elektriciteitsgebruik door industrie of gebouwen). Daardoor tellen ze niet exact op tot 100%.
Fossiel energieverbruik
Voor wat betreft het minder verbruiken van fossiele energie zijn er een aantal oplossingen. Energiebesparing met behulp van bijvoorbeeld slimme thermostaten, energiezuinige verlichting, betere isolatie, groene daken enzovoort, zorgt voor minder verbruik. En meer duurzame opwek van energie door gebruik te maken van bijvoorbeeld geothermie, waterkracht, zon- en windenergie zijn manieren om minder fossiele bronnen door energiecentrales te verbranden. Het elektriciteitsnet moet hier dan wel op worden aangepast: het moet flexibeler in kunnen spelen op vraag en aanbod van duurzame energie, energie kunnen opslaan en ook lokaler (met zogenaamde microgrids) kunnen functioneren.
Zwaartepunten verduurzamen landbouw
In Brazilië en Indonesië en enkele andere landen worden onvoorstelbaar grote hoeveelheden bossen gekapt en verbrand. Enerzijds om het hout te winnen, anderzijds en vooral om er landbouwgrond van te maken. Die nieuwe landbouwgrond wordt in Brazilië met name gebruikt om er veevoer te verbouwen en in Indonesië om er palmolie-plantages neer te zetten.

Het vee (vooral rund) dat er wereldwijd is, zorgt voor een grote uitstoot van het broeikasgas methaan door te boeren en scheten te laten. Het drastisch minder eten van vlees en zuivelproducten draagt dan direct bij aan minder ontbossing (want er is minder veevoer nodig) en minder methaanuitstoot. Meer plantaardig voedsel is dan een oplossing, maar ook het voorkomen van voedselverspilling (een derde van al het geproduceerde voedsel wordt verspild). Ook kan kritisch gekeken worden naar alternatieven voor palmolie.
Tenslotte zorgt het minder of anders bemesten van landbouwgrond voor minder uitstoot van het broeikasgas lachgas.
Lees hier een uitgebreide whitepaper over welke mogelijkheden er zijn om in de landbouw uitstoot van broeikasgassen te verlagen.
Verduurzamen industrie
In de industrie is de uitdaging om te zoeken naar alternatieven voor cement en plastics, dat kan bijvoorbeeld met meer biobased materialen. Ook het vervangen van koudemiddelen (zogenaamde HFC’s) door gassen zonder broeikaseffect is belangrijk. Een andere oplossing is het meer recyclen van materialen. Industriële bedrijven kunnen ook efficiënter produceren en minder afhankelijk worden gemaakt van fossiele brandstoffen door ze te elektrificeren of van groene waterstof als energiedrager te voorzien.
Transport en vervoer

Door vervoersmiddelen efficiënter te laten functioneren en transporteren is al veel verbruik van diesel, benzine, kerosine enzovoort te verminderen. Daarnaast zijn er middelen zoals de fiets, videoconferencing en carpooling waardoor überhaupt geen uitstoot meer plaatsvindt. En tenslotte is elektrisch vervoer op de weg, de rails of op het water een transportwijze zonder directe uitstoot van broeikasgassen.
Gebouwde omgeving
Oplossingen voor de gebouwde omgeving kennen we eigenlijk allemaal: betere isolatie, dubbel of triple glas, groene daken en slimme thermostaten zorgen voor minder energieverbruik. Zonneboilers, warmtenetten of warmtepompen zorgen voor fossielvrije verwarming en biogas of efficiëntere hout-kooktoestellen voor minder CO2-uitstoot. Lekkende airco’s tenslotte zorgen voor de uitstoot van het heftige broeikasgas HFC. Voorkom daarom die lekkage of voorzie de airco van natuurlijke koudemiddelen.
Overige uitstoot
Door de fossiele industrie te verplichten om bijvoorbeeld methaanlekkages te voorkomen of het affakkelen van aardgas te verbieden, is al veel winst te halen. Onderzoek de mogelijkheden om lekkages te voorkomen en verplicht de industrie vervolgens om ze toe te passen.
Deze zes categorieën, energiecentrales, het voedselsysteem, de industrie, transport, de gebouwde omgeving en overige bronnen, vormen samen het grootste deel van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen. De exacte percentages per categorie verschillen enigszins per bron, door methodologische keuzes over het toerekenen van indirecte uitstoot.
Bij het voorkomen van uitstoot van broeikasgassen staat eerst efficiency of reductie van verbruik op de agenda. Vervolgens is er de zoektocht naar alternatieve, fossielvrije bronnen die verduurzaming van het resterende verbruik mogelijk maken. Het 5-stappenplan op het Klimaatplein maakt ook gebruik van deze volgorde. Benieuwd naar de mogelijkheden voor uw bedrijf of instelling? Volg dan de 5 stappen naar klimaatneutraal ondernemen.
Project Drawdown, “Food and Climate”, drawdown.org
IPCC, Fifth Assessment Report (AR5), 2014 (oorspronkelijke sectordata, 2010-cijfers)
IPCC, Sixth Assessment Report (AR6), Working Group III: Mitigation of Climate Change, 2022 (sectordata over 2019)
US EPA, Global Greenhouse Gas Overview (geraadpleegd 2026)
Project Drawdown, “Five key insights into global greenhouse gas emissions”, juni 2026, drawdown.org
Beelden: Shutterstock & Drawdown