Veel gestelde vragen over ontgroeien als middel tegen verdere klimaatverandering

Klimaatbeleid

Klimaatverandering is één van de meest urgente ecologische uitdagingen waar ook ondernemers mee te dealen hebben. Veel ondernemingen zetten zich nu al in om hun uitstoot van broeikasgassen te verminderen, de biodiversiteit te herstellen of een bijdrage te leveren aan minder watervervuiling. Een meer brede oplossingsrichting voor de ecologische noodtoestand waarin we verkeren is ontgroeien. Ontgroeien wordt steeds vaker genoemd in de wetenschappelijke en mainstream literatuur, waaronder in een van de laatste IPCC klimaatrapporten. Wat is ontgroeien, welke vragen worden er over gesteld en wat zijn de antwoorden daarop?

In de wetenschappelijke literatuur wordt ontgroeien omschreven als een geplande vermindering van overtollig energie- en materialenverbruik om de economie weer in balans te brengen met de levende wereld op een veilige en rechtvaardige manier. Ontgroeien is nodig omdat we in het huidige economische paradigma van aanhoudende economische groei de planten, dieren en mensen uitputten en doen uitsterven.

Groene groei versus ontgroei

Groene groei, in plaats van ontgroei, wordt dikwijls aangedragen als een manier om mét economische groei uit de huidige ecologische noodtoestand te komen. We zouden dan bijvoorbeeld met duurzame innovaties op milieu- en klimaatgebied de problemen op kunnen lossen. Zowel onder politici, ondernemers als bestuurders leeft deze gedachte. Het is een optimistische gedachte waar het ook makkelijk bij aanhaken is, want alles kan in principe hetzelfde blijven, we gaan het alleen nóg slimmer doen. Feit is echter wel dat het nog nooit eerder is voorgekomen dat de algemene milieudruk afneemt mét economische groei. Het verbruik van energie en materialen moet echt omlaag. Met daarnaast een algehele focus op kwaliteit van leven in plaats van een focus op kwantitatieve groei. Van welvaart naar welzijn.

Hieronder beantwoorden we een viertal vragen die vaak gesteld worden wanneer het gaat over groene groei versus ontgroeien.       

  1. We gaan naar de 12 miljard aardbewoners. Hoe kunnen we die überhaupt in hun basisbehoeften voorzien zonder economische groei?

    Hoewel 12 miljard zeer waarschijnlijk een overschatting betreft (de VN voorspelde onlangs dat het om rond de 10 miljard zou gaan, andere ramingen zijn nog lager) zal de wereldbevolking inderdaad met een aantal miljard groeien. Volgens ons is dit gegeven juíst een reden om ons af te vragen hoe deze miljarden bewoners een goed bestaan kunnen leiden binnen de draagkracht van de aarde. Hierbij zal de ‘planetaire taart’ van grondstoffen en energie eerlijk verdeeld moeten worden, en zal deze niet – zoals dit nu gebeurt – voor een onevenredig groot deel moeten worden opgeschrokt door het mondiale Noorden. Het gaat dus om ontgroeien in het rijke mondiale Noorden, waar economieën al decennialang op een (te) grote materiële voet leven. In andere delen van de wereld, waar het maatschappelijk welzijn nog gebaat is bij eerlijke en duurzame groei, is ontgroei (nog) niet aan de orde. Sterker nog, sommige onderzoekers stellen dat deze landen zelfs béter in staat zullen zijn de (groeiende) bevolking van basisvoorzieningen te voorzien wanneer het mondiale Noorden stopt met het zich toe-eigenen van goedkope grondstoffen en arbeid en het exporteren van hun milieuschade.

  2. Niemand vindt het leuk vindt om in een recessie te leven. Een recessie veroorzaakt immers ongecontroleerde krimp van de economie en armoede voor delen van de bevolking.

    Dit argument is ons inziens gebaseerd op een misvatting van wat de ontgroei-beweging voorstelt. Ontgroeien is expliciet géén recessie binnen een op groei gerichte economie. Het idee van ontgroeien is dat dit van te voren gepland wordt, waardoor een samenleving op democratische en rechtvaardige wijze weer terug komt binnen de draagkracht van de aarde. Bij een recessie vallen de klappen vaak bij de laagste klassen en de mensen die het al moeilijk hebben. Bij ontgroeien ligt dit precies omgekeerd: het gemeenschappelijk welzijn en een rechtvaardige verdeling van lasten en baten vormen de uitgangspunten. Lagere klassen zullen dus een vooruitgang zien in hun toegang tot publieke voorzieningen en basisbehoeften, terwijl de grootste aanpassingen zullen moeten worden gedaan door de rijkste 10% die volgens onderzoek de grootste materiële voetafdruk hebben.

  3. Groeien en economische vooruitgang zit in de mens, dat haal je er niet uit, het zit in de natuur.

    Dit hardnekkige idee is uitvoerig onderzocht, maar mensen worden hoofdzakelijk door heel andere zaken gedreven. De mens gaat voor een rijk en sociaal leven, wil een zinvolle bijdrage leveren aan de wereld door (vrijwilligers)werk en genieten van de mooie dingen in het leven zoals van muziek en cultuur. Levensgeluk is dus, als basale levensbehoeften eenmaal gedekt zijn, helemaal niet afhankelijk van economische groei. Dit verklaart dan ook waarom de gemiddelde tevredenheid in Nederland al sinds de jaren ’60 stabiel is, ondanks dat de economie sterk groeide.

  4. Groene groei kán gewoon. We kunnen én de economie laten groeien én minder energie en materialen gaan verbruiken.

    Wij zouden niets liever willen, maar er is gewoonweg wereldwijd nog geen enkel voorbeeld van een absolute ontkoppeling van economische groei en haar ecologische voetafdruk. Natuurlijk zijn er nieuwe technologieën die bijvoorbeeld ons energieverbruik efficiënter of duurzamer maken, maar omdat het dan goedkoper wordt, wordt er weer meer van verkocht waardoor de milieuwinst weer teniet wordt gedaan. Dat wordt het rebound effect of de Jevons paradox genoemd.  En een bepaalde innovatie kan ervoor zorgen dat er bijvoorbeeld winst op het gebied van CO2 wordt behaald, maar van de negen zogenaamde ‘planetaire grenzen’ hebben we er inmiddels zes overschreden. Denk aan verzuring van de oceanen, het enorme verlies aan biodiversiteit, chemische verontreiniging en tekorten aan water. Het winnen van grondstoffen voor de duurzame energietransitie bijvoorbeeld heeft een enorme impact op de biodiversiteit en watervoorziening. Nog afgezien van de menselijke roofbouw die in de mijnbouw wordt gepleegd.       

    Om groei daadwerkelijk ‘groen’ te maken moet de ontkoppeling tussen economische groei en negatieve milieu-impact absoluut zijn, en de gehele ecologische voetafdruk betreffen (dus niet alleen CO2), moet het plaatsvinden overal op aarde waar we de ecologische grenzen hebben overschreden met een snelheid die voldoende hoog is om ecologische ineenstorting af te wenden en voor een voldoende lange periode om herkoppeling te voorkomen. Alle verwoede pogingen ten spijt, heeft deze vorm van ontkoppeling zoals gezegd nog nooit plaatsgevonden.

Door: Karolien van Teijlingen en Rob van der Rijt. Beide zijn actief bij de Nederlandse ontgroei beweging. Karolien is als Postdoc Culturele antropologie en Ontwikkelingsstudies werkzaam bij de Radboud Universiteit. Rob van der Rijt is naast oprichter van het Klimaatplein onderzoeker op het thema ontgroeien en postgroei.

Eerder verscheen op het Klimaatplein een blog over de vraag of de huidige missie van bedrijven wel aansluit bij een postgroei samenleving.

Foto: Oorlogsveteranen worden omgeschoold voor een carrière in de organische landbouw / M. Sullivan / Climate Visuals

Gerelateerde artikelen

Impact maken? Start met duurzaam inkopen!

Klimaatbeleid

Nederlandse bedrijven geven jaarlijks ruim 400 miljard euro uit aan producten en diensten. Door deze...

Lees verder

Een Klimaatakkoord voor maximaal anderhalve graad opwarming van de aarde

Klimaatbeleid

Een klimaatdoel van maximaal anderhalve graad Celsius mondiale temperatuurstijging is tijdens de klimaattop van Parijs...

Lees verder

Hoe gaan we ontgroeien om daarmee binnen sociale en ecologische grenzen te blijven?

Klimaatbeleid

Hoe ziet ontgroeien er uit in de ‘echte wereld’? Een kritiekpunt op de ontgroei-beweging is...

Lees verder